Fysiek
Submenu
De revitalisering van steden blijft een belangrijke opgave voor de stedelijke vernieuwing tijdens GSB III. Uitgangspunt zijn de kansen en bedreigingen van het stedelijke gebied. Vier aspecten bepalen in ieder geval de vitaliteit en aantrekkelijkheid van een stad: de fysieke, sociale en economische conditie en veiligheid. De rijksdoelstellingen voor stedelijke vernieuwing dragen daaraan bij.
Samenhang
De fysieke maatregelen die steden nemen scheppen voorwaarden voor een aantrekkelijke sociale omgeving en voor een economisch vitale stad. En het omgekeerde geldt ook: om fysieke maatregelen duurzaam te laten slagen, zijn tevens impulsen in de sociale sfeer, (wijk)economie en veiligheid noodzakelijk.
ISV
Het onderdeel fysiek van het grotestedenbeleid bestaat voor de dertig grote steden uit de doeluitkering Investeringsbudget Stedelijke Vernieuwing (ISV). Ook andere gemeenten dan de G30 kunnen hier een beroep op doen via de provincie. Voor deze ‘niet-rechtstreekse gemeenten’ gelden twee doelstellingen niet: ‘verbetering van grootschalig groen in de stad’ en ‘verbeteren van de binnenstedelijke luchtkwaliteit’.
Analyse
Naast hun relatie tot de outputdoelstellingen zijn er voor fysiek een viertal beleidsthema’s van belang:
• Huisvesting specifieke doelgroepen;
• Milieukwaliteit;
• Water en watersystemen;
• Bereikbaarheid.
Van de steden wordt verwacht zij deze vier thema’s meewegen in de sterkte/zwakte-analyse van hun stad. Die analyse vormt de basis voor het Meerjaren ontwikkelingsprogramma. Op basis van dat programma sluiten Rijk en steden een convenant voor de periode 2005 - 2009
Maatwerk
Indien de lokale situatie aanleiding geeft om op één of enkele van deze thema’s aanvullende doelstellingen en resultaten te formuleren, dan kan dat. Die maken echter geen deel uit van de convenanten die Rijk en steden afsluiten. De gemeenten worden er niet op afgerekend.
Intergemeentelijke afstemming
Enkele outputdoelstellingen vereisen intergemeentelijke afstemming.
• Wonen:
- wijzigingen in de woningvoorraad in de regio naar prijsklassen en verhouding huur/koop;
- toename van het aantal woningen dat volledig toegankelijk is (ouderen en minder validen) door nieuwbouw en verbouw;
• Omgevingskwaliteit:
- groen: grootschalige groenprojecten in de stad in relatie tot de groenplannen om de stad en in de regio;
- cultuurimpuls: cultuurvoorzieningen;
• Zorgvuldig ruimtegebruik: intensiveringopgave.
Relatie met de 50-wijkenaanpak
De 50-wijkenaanpak richt zich op de versnelling van de stedelijke vernieuwing in 56 wijken. Gemeenten en lokale partijen (woningbouwcorporaties) sluiten contracten af over de te behalen resultaten in deze wijken. Deze afspraken maken geen onderdeel uit van de resultaatafspraken in het MOP. Wel worden de steden gevraagd de ambities en de afspraken in deze wijken in het MOP op te nemen.