Sla inhoud over

Doelstellingen Fysiek

Outputdoelstellingen

1. Betere balans vraag en aanbod op gebied van wonen.

Indicatoren

Mutaties in de woningvoorraad, uitgesplitst naar:

- Aantallen nieuwbouw

- op uitleglocaties;

- op locaties binnen bestaand bebouwd gebied van 1996 i.v.m. de uitbreidingsbehoefte;

- op locaties binnen bestaand bebouwd gebied van 1996 i.v.m. vervangingsbehoefte;

(Nieuwbouw uit te splitsen naar goedkope koop, (middel)dure koop, goedkope huur en (middel)dure huur. Grens tussen goedkope en (middel)dure koop ligt bij koopprijs van € 136.000 (intentieafspraken 2002). Grens tussen goedkope huur en (middel)dure huur ligt bij huurprijs van € 317,03 (Huursubsidiewet, kwaliteitskortingsgrens 2003). De stichtingskostengrenzen worden jaarlijks geïndexeerd.)

Aantallen omzettingen:

- omzettingen huurwoningen in koopwoningen;

- vernietigde woningen;

Aantallen ingrijpende woningverbeteringen

(Van ingrijpende woningverbetering is sprake als de aanneemsom of de kostenraming minimaal € 50.000 (excl. BTW) bedraagt. De kostengrens wordt hier niet geïndexeerd.);

Toename aantal volledig toegankelijke woningen.

2. Omgevingskwaliteit:

 

2a. Openbare ruimte

De verbetering van de kwaliteit van de (semi-) openbare ruimte.

Indicator

- Oppervlak (in m2 of ha) openbare ruimte waarbij sprake is van een kwaliteitsimpuls.

 

2b.Groen in de stad

De verbetering van grootschalig groen in de stad.

Indicator

- Het aantal grootschalige groenprojecten met bijbehorend oppervlak (ha).

(Alleen van toepassing voor de G30, omdat alleen voor de G30 financiële middelen zijn toegevoegd aan het ISV2).

 

2c. Cultuurimpuls

Verbetering van de kwaliteit van de leefomgeving door het integraal benutten en borgen van culturele kwaliteiten in de praktijk van de stedelijke vernieuwing

Indicator

- Aantal wijken waar fysieke culturele kwaliteiten aantoonbaar en integraal deel uitmaken van de gebiedsontwikkeling, en de mate waarin deze kwaliteiten zijn geborgd in lokale planfiguren en beleid.

 

2d. Bodemsanering

Sanering van de bodemverontreiniging in het stedelijk gebied (inclusief nazorg en asbest).

Indicator

- Aan te pakken deel van de werkvoorraad gerelateerd aan het landsdekkende beeld bodemsanering in aantallen (sanering en onderzoek), m2 en m3 (oppervlakte en in de bodem aanwezige ernstig verontreinigde grond) en m3 (te saneren verontreinigd) grondwater en bpe’s (bodemsaneringsprestatie-eenheden). Vermelden welk deel hiervan door saneringen in eigen beheer tot stand zal komen (zonder overheidsbijdrage in de financiering).

 

2e. Geluidssanering

Verbetering van de geluidssituatie bij de zogenaamde A- en railwoningen.

Indicator

- Aantal A- en railwoningen (absoluut en als percentage van het totaal in de gemeente) waar de saneringssituatie aan het eind van het ISV2-tijdvak is opgelost.

 

2f. Luchtkwaliteit

Verbeteren van de binnenstedelijke luchtkwaliteit.

Indicator

- Het aantal meters wegvak dat naar redelijke verwachting onder de normen uit het Besluit luchtkwaliteit wordt gebracht (Alleen van toepassing voor de G30, omdat alleen voor de G30 financiële middelen zijn toegevoegd aan het ISV2).

 

3. Zorgvuldig ruimtegebruik:

Per saldo intensivering van woningbouw binnen bestaand bebouwd gebied.

Indicator

- Saldo toe te voegen woningen in bestaand bebouwd gebied 1996.

(Het saldo wordt berekend door op de nieuwbouw binnen bestaand bebouwd gebied 1996 de vernietigde woningen in mindering te brengen; zie voor nadere toelichting doelstelling 1).

 

4. Open doelstelling: Fysieke voorwaarden voor aantrekkelijke sociale en veilige omgeving

Fysieke ruimte scheppen voor sociale voorzieningen.

Indicator

- Gemeente stelt in samenwerking met Rijk een eigen meetbare indicator op (zie Toetsingscriteria ‘open doelstelling’).


Navigatie