Sla inhoud over

GSB-monitor

In de periode 2005-2009 wordt drie keer gemonitord; bij aanvang van de derde convenantperiode, in 2007 ter ondersteuning van de midterm review en aan het eind van de convenantperiode.
Doel van de monitor is het meten van de voortgang op outputniveau (worden de benoemde resultaten behaald?), het meten van de voortgang op outcomeniveau (wat is het maatschappelijk effect?) en de monitor dient als instrument ter ondersteuning van de eindverantwoording over GSB III.

Inzicht op outputniveau
Voor het meten van de resultaatafspraken zijn 39 outputindicatoren benoemd. 25 hiervan zijn landelijk meetbaar en worden opgenomen in het basisgedeelte van de monitor.
De overige 14 outputindicatoren betreffen maatwerkafspraken tussen stad en Rijk of indicatoren die niet landelijk meetbaar zijn omdat er geen landelijk registratiesysteem beschikbaar is. Deze worden opgenomen in de bijlage van de monitor. De gegevens voor dit laatste deel worden aangeleverd door de stad.

Inzicht op outcomeniveau
De meting op outcomeniveau sluit aan bij de GSB II monitor. Negen outcome indicatoren worden objectief en subjectief gemeten. Deze combinatie van de feitelijke situatie in de steden en de beleving van de bewoners samen levert de relevante beleidsinformatie.

Relatie monitor en eindverantwoording GSB III
De resultaten van de monitor in 2009 worden gebruikt voor de eindverantwoording. Maar de eindverantwoording is breder omdat deze ook een financieel deel bevat.

Handreiking en factsheet per stad
In de handreiking staat informatie over de outputindicatoren per stad en in de factsheet zijn de beschikbare data opgenomen. Steden en Rijk kunnen deze gebruiken voor respectievelijk het schrijven en het toetsen van het Meerjaren ontwikkelingsprogramma.

Verhouding GSB-monitor tot de sectorale monitors
Uitgangspunt voor GSB III is minder bureaucratie. Dit vertaalt zich ook in de uitgangspunten voor de nieuwe monitor. Het doel is een procesgang van gegevens van steden aan Rijk via één loket, het stroomlijnen van andere sectorale en departementale monitors met de GSB-monitor en het verminderen van de frequentie van vijf naar drie. Op dit laatste uitgangspunt bestaan twee uitzonderingen: de voortgang op het terrein van Veiligheid en van Inburgering worden beide jaarlijks gemeten.

Inzicht op wijkniveau
In de monitor wordt de afbakening van de aandachtswijken in steden vastgelegd


Navigatie